Santiago de Compostella.

Op de fiets, door Chris Huisman.

Dronten – Mondmedy

3 tot en met 12 mei 1999.

 

 

 

 

Op 3 mei, de dag waar ik lang naar uit heb gekeken, stonden ongeveer 50 mensen mij uit te zwaaien. Met een brok in mijn keel fiets ik weg, de wind in de rug, psalm 121 in mijn bagage. Nu na 12 dagen zittend in de ondergaande zon denk ik terug. De overgang van landschap, het Hollandse polderland met z’n charmes, de levendige dorpen waar je door komt. ‘s-Hertogenbosch een plotselingen ontmoeting, toeval? De hogere brabantse zandgronden, stuivend in een felle wind. Voor mij soms tegenwind. Langs de Jacobushoeve in Vessum bij broeder Fons om een stempel te halen. Een overnachting bij dochter Inge in Eindhoven. Langs de Nederlandse kerken en kerkjes met hun functie in de gemeenschap. Fris en funcionerend. Limburg, de Maas, Maaseik een stukje door Belgie. Iemand die je een goede reis wenst, en spontaan een hand geeft. En dan met een fietsende vrouwenvereniging uit Hasselt op de foto. Over de Maas een kapotte ketting, verkeerd geschakeld op de helling van de veerpond bij Berg. Maastricht, onze Bourgondiche stad, voor het eerst wat heuveltjes. De stempel in de Sint Servaas werd gegeven door pastor Deken Henneman. Met een persoonlijke rondleiding door de St. Servaas. Heel speciaal. Een overnachting bij vrienden in Eysden.

En dan moet er een kies uit, want ik krijg kiespijn. Dat kan nog net in Nederland. Door Zuid Limburg, de eerste aanzet tot klimmen en echte hellingen, de zuidelijke mooie weg langs Mheer, Noorbeek, Sleenaken, Eperheide, Epen naar Vaals. Een mooi stukje Nederland.

Van Vaals naar Aken, een prachtige stad met de Jaconbskerk en de Dom. De stadcamping is er niet meer, wat nu het is als half zeven, terug naar Vaals of…?? Hier begint de eigenlijke route en de volgende camping is over 35 km. Toch maar de route besluit ik, de Duitse kant van de Vaalseberg op in het bos staat een wit huis, de Boswachterij van Aken. Hier vraag ik een plaatsje voor mijn tent en dat is prima. In de werkplaats is een douche, tiolet en warm/koud water. Wat wil ik nog meer, een droomplek voor mijzelf. Na dat ik mijn eten had gekookt heb ik nog wat rondgelopen en inderdaad droomplekjes bestaan nog steeds.

De volgende dag langs de Pelgrimsweg op de flank van de Vaalserberg eerst berg op, dan afdalen naar Moresmet, het is een onverharde grindweg maar wel prachtig. De Ardennen liggen voor mij en ik zal het weten, de steile helling naar het oude stadje Limborg loop ik toch maar op. Ja wel zwaar met die bepakking op de fiets. Maar wat beleef je de Ardennen intens op de fiets er doorheen inplaats van in de auto. De wisseling van landschappen had ik het over, ook hier door mooie dalen en stille stadjes. Naar 575 meter samen pratend met een andere fietser, toch een klus en de Pyreneen straks dan?? Maar eerst de Ardennen en ik voel dat ik met de dag sterker word. Toch heb ik nog teveel bagage bij me hiervan moet ik nog wel wat kwijt. Het dal van de Lienne, dat is genieten dorpjes als Trou de Bra, een kleine gemeenschap, een leuk kerkje. Mooie dag 22 graden en volle zon. Klimmen en dalen en genieten, later veranderd de zon in regen en wind, maar toch blijft het leuk. Mijn broodje opgegeten bij een paar koeien, het voorjaarsgroen om me heen.

De bovenloop van het Ourthe-dal, ik waan me in de Canadeze bossen. De hoge Ardennen, tussen de 400 en 600 meter golfend over de heuvels, het karakter van de dorpjes verandert. Een hollandse tegenwind ongeveer 12 graden, de regen striemd in mijn gezicht. Dit is minder leuk. Bastogne, een stadje wat bij het Ardennenoffencief bijna geheel verwoest is. Bijna geen historie meer. Ik raak mijn fietshelm kwijt, verloren of van de fiets genomen?? Dus koop ik een nieuwe. Dat dat nodig is ervaar ik bij een stuurfout met 45 km een helling af wat bijna fout gaat.

De Abdij van Orval, een histories Trappisten klooster, ik mag er overnachten. Dit is nog een van de vroegere verzorgingsplekken in de route van de Pelgrims. Bij het avondeten een 1/2 liter Trappistenbier en een groot brok Orval Kaas bij een goed maal. De sfeer in de kerk bij de beurtzang van de broeders, het werk wel op je in. Mijn rechterknie wordt gevoelig en dat neemt toe op het mooie stuk naar Montmedy in Frankrijk. Daar na 20 km toch maar de camping opgezocht, want het trappen gaat steeds moeilijker. De plaatselijke dokter zegt 5 dagen rustig aan (dus niet fietsen)

En zo zit ik hier in het zonnetjes te schrijven en overdenk de tocht tot nu toe. De ervaring van de vele ontmoetingen. De kunsten/cultuur van steden en kerken, fris instand gehouden.Maar ook vervallen glorie van welleer. Met deze gedwongen rust kijk ik terug op een nu al bijzondere tocht al heb ik nog maar 700 km gehad. Morgen ga ik weer verder met mijn tocht, maar dan wat minder kilometers op een dag.

 

 Naar de volgende etappe.

 Terug naar startpagina.