Santiago de Compostella.
Op de fiets door Chris Huisman.
Brive – Oloron-Ste-Marie
30 mei tot en met 10 juni 1999
Mijn achteruit-kijk-spiegel sneuvelde bij het ongelukkig neerzetten van mijn fiets, daar baalde ik van. Je ziet, vooral op drukke wegen, wat er van achteren komt. Vanuit het plaatsje Brive, in de Limozin, over een heuvelrug met uitzicht naar twee kanten, hier geniet ik van. Ik draai steeds om een steile heuvel met daar op een kasteel en een dorp. Hij komt steeds dichterbij, het is het stadje Turrene. Hier zou een camping zijn, niet dus… niemand weet er wat van af. Een mevrouw zegt: "ga toch lekker achter de kerk staan, daar staan wel vaker mensen". Ik vraag om toestemming bij de pastoor en zo sta ik tussen het kerkhof en de kerk bij een kruis. Ach van die andere mensen zal ik niet veel last hebben.

Rocamadour in zicht, een stadje op de oude route, dus ook nu een halte plaats. Ik moet een klim maken naar een dorp op 2 km afstand zegt mijn route kaart. Het bord op het kruispunt zegt 6 km, ik twijfel, dit is toch wel goed? Mijn route boekje krijgt gelukkig gelijk, de klim mocht er wezen. Rocamadour gesticht door een kluizenaar in een grot in de rotswant. Beneden het stadje, halverwege de rots het klooster en op de top het kasteel. Eén moet toch de hogere zijn. Even kijken op het punt waar Anneke en ik al eens gestaan hebben op onze tocht naar Lourdes. Hier heb ik een prachtig uitzicht op het stadje in de kloof, daarna naar een camping. Rustig en mooi. Eén dag rust voor mijn knie en het stadje bekijken, dat is de moeite waard. Een ouder Frans echtpaar ontdekt dat ik pelgrim naar Sant Jac. ben en stoppen mij broden en fruit toe. Verder is het weer een heuvelachtig gebied, de midi pyrieneé, in Montaban wil ik een bekende bezoeken. Ineens houden de heuvels op en suis ik naar beneden een vlakte op, het lijkt Nederland wel, ik kan vaart maken tussen de fruitbomen en groentegewassen door. Hier groeit van alles in de vallei van de Tarn. Een goed bezoek, maar de camping daarna bij een tuinbouw bedrijf was heel vies, in dagen niet schoongemaakt en nog de duurste ook.
Zo nu en dan eens in een Gitte de etappe, een soort herberg, deze zijn niet duur. Ik geniet dan van de echte Franse boeren tafel, met al zijn geneugten en een goed glas wijn. De landbouwer rukt volle flessen aan en hij heeft maar drie gasten, dus wel oppassen, want ik wil morgen om 8 uur in het zadel. Op een brug voor het stadje Lectoure op zondag morgen, ontmoet ik een Nederlandse wandelaar op weg en daar staat mijn teller precies op 2000 km. Ik vind het veel, maar ik heb mijn kilometerteller al een keer of vier geëikt op kilometerpaaltjes. Hij wijkt 1% af, dat is 10 km op de 1000 km. Dit verwaarloos ik maar en stel dat als ik weer thuis ben maar eens bij.
In Lectoure was een feest ter ere van een generaal van Napoleon die hier ooit woonde. Mensen in klederdracht, soldaten in vol tenue en zelfs de cavalerie was aanwezig. Dit is even wat anders dan kerken, alhoewel ik woon hier ook de mis bij. Ik moet weer door, ik ga nog een kennis bezoeken dit is een oude buurjongen uit mijn geboorte dorp. Dit is wel 100 km extra, bij warm weer over een soort 7 heuvelen weg in het kwadraat. Achter elkaar kwamen ze, op en neer om de km ongeveer en dit, 24 km lang. En dan kom je ineens een zo zeldzaam mooi dorpje tegen. Eens een muur om een cirkel van huizen. Verbazing op deze zondagmiddag bij mijn oude kennissen, op de fiets hier naar toe…??? "Blijf een dag, het is aan jou, het bed staat klaar". Dus dinsdag weer verder en de route opzoeken. Klimmend en dalend en dan over een heuvelrug weer uitzicht naar beide kanten. Zomaar een gesprek met en Fransman midden op straat, hij met een lege kruiwagen en ik met een volle fiets. Na 20 minuten wenst hij mij Bon voyage Bon Route. Bij Marciac weer op de route en een Nederlandse camping.
Ineens op deze rit om 2 uur in de middag bij bewolkt weer in de verte de eerste contouren van de Pyreneeën, even bij stil staan, zover ben ik dan toch. Het plaatsje Nay aan de Gave de pau, waar ook een municipale camping is, ligt tegen de Pyreneeën. Deze camping is nog gesloten, er stroomt alleen een kraantje. Toch de tent opgezet en eten gekookt. De weg door de camping is druk, van alles komt er langs en aan de andere kant en heel snel stromende rivier. Toch sta ik hier naar mijn gevoel niet rustig, ’s nachts is het wat luguber en er komen tot 4 uur ’s nachts steeds mensen langs. Mijn fiets goed op slot en een vissnoer om het wiel en het andere eind om mijn pols. De volgende ochtend breek ik vroeg op en ben vroeg weg naar Oloran Sint Marie. Deze rit gaat langs de Pyreneeën en dat gaat al behoorlijk hoog. Mooie uitzichten, maar het is bewolkt en de toppen zie ik niet. Ik ben op tijd op de camping, doe een wasje, bekijk Oloron en stuur wat dingen naar huis. Ik ontmoet een Fransman uit Britagne, die vol bepakt een rondreis door het land maakt. Een Tour de France, "kreeg ik er ook maar zoveel voor betaald" zegt hij. Vanavond de zoveel mogelijk klaar zetten, want morgen vroeg omhoog de Pyreneeën in.
Al heb ik dan bij elke trap last van mijn knie, ik ben toch zover gekomen. En morgen Spanje???
